06-52500157 info@wisselkom.nl

Het kan (en zal ook) altijd gebeuren dat een vennoot besluit om uit de vennootschap onder firma (VOF) te stappen. Het is dan belangrijk om tijdig en goed te onderkennen welke zaken er zoal kunnen – gaan – spelen.

Hoofdelijke aansprakelijkheid:
Iedere vennoot in een VOF is hoofdelijk aansprakelijk voor de schulden van de VOF en de uittredende vennoot blijft dat ook voor de schulden, welke bestonden op het moment van uittreden.
Een uittredende vennoot kan dan ook nog jaren aansprakelijk zijn voor die schulden.
Het is daarom belangrijk dat de uittredende vennoot over deze aansprakelijkheid duidelijk afspraken maakt of probeert te maken met de overblijvende vennoot en ook (en dat is zeker zo belangrijk) met de desbetreffende crediteuren.

Onroerend goed en overdrachtsbelasting:
Omdat op dit moment een VOF geen rechtspersoonlijkheid bezit, zal de voortzettende vennoot het aandeel van de uittredende vennoot in onroerend goed, vaak overnemen. De overnemende vennoot is dan 6% overdrachtsbelasting (bedrijfspand) verschuldigd over de waarde van het overgenomen aandeel in het onroerend goed.

Waardering van bedrijfspand:
In veel gevallen staat in de overeenkomst van VOF opgenomen dat (bijvoorbeeld) het bedrijfspand moet worden gewaardeerd tegen de economische waarde; men bedoelt dan meestal de waarde vrij van huur en gebruik. Dit kan financiële problemen geven voor de voortzettende vennoot omdat deze daardoor mogelijk een te hoog bedrag aan de liquiditeiten van de VOF moet onttrekken. Dit klemt des te meer als de voortzettende vennoot het bedrijf blijft exploiteren in dat bedrijfspand (= voortgezet gebruik).

Overnamebalans:
Als gevolg van het uittreden van de vennoot moet met deze vennoot zijn aandeel in de VOF (= diens kapitaal) worden afgerekend. Hiertoe dient een zogenoemde slotbalans te worden opgesteld. Op deze slotbalans worden alle activa en passiva tegen de waarde in het economische verkeer opgenomen. Het saldo van de bezittingen minus de schulden is dan het kapitaal van de respectievelijke vennoten en het kapitaal van de uittredende vennoot moet dan worden afgerekend.

Latente belastingen:
Het kan zijn dat de vennoten met elkaar hebben afgesproken dat de voortzettende vennoot het VOF-aandeel van de uittredende vennoot in fiscale zin overneemt tegen de boekwaarden (= fiscaal geruisloze overdracht), terwijl de werkelijke waarden hoger zijn. Is dat het geval, dan neemt de voortzettende vennoot ook de toekomstige fiscale claim (bijvoorbeeld inkomstenbelasting over het verschil tussen de werkelijke waarde en de fiscale boekwaarde) over; met die overname van de fiscale claim wordt dan het aan de uittredende vennoot uit te keren kapitaal verminderd.

Betalingsverplichting overnamesom:
Het is belangrijk dat de uittredende vennoot precies datgene ontvangt, waarop deze recht heeft. Het is ook belangrijk dat door de betalingsverplichting het voor de voortzettende vennoot nog wel mogelijk is en blijft om het bedrijf financieel te blijven voortzetten.
Spreek daarom goede betalingstermijnen en bedragen af.

Concurrentie- en relatiebeding:
Nu heb je als voortzettende vennoot de uitgetreden vennoot diens kapitaal betaald en dan wil je natuurlijk niet dat die voormalige vennoot vervolgens een – nota bene door jou gefinancierde – directe concurrent wordt.
Regel tijdig een concurrentie- en/of relatiebeding.

Uitschrijving als vennoot in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel:
De uitgetreden vennoot dient zich zo spoedig mogelijk als vennoot uitschrijven in het Handelsregister. Hiermee kan verdere hoofdelijke aansprakelijkheid voor nieuwe verplichtingen van/door de voortzettende vennoot worden voorkomen.

Eén “vennoot” is geen VOF:
Het is goed te onderkennen dat in het geval van een VOF met twee vennoten door het uitreden van een vennoot er dus slechts één voortzettende vennoot overblijft. Omdat een vennootschap onder firma alleen kan – blijven – bestaan bij ten minste twee vennoten, zal bij het overblijven van één “vennoot” de VOF zijn opgehouden te bestaan.

Al met al is het dus erg belangrijk om de onnodige risico’s te voorkomen en ervoor zorg te dragen dat in de overeenkomst van VOF zoveel mogelijk en goed is geregeld.